Meer bouwen in groene gebieden buiten de steden

Om de woningnood in Nederland op te lossen stelde Fractie den Haan voor 1 procent van de landbouwgrond voor woningbouw te gebruiken. Het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) onderschrijft de noodzaak van bouwen in groene gebieden buiten steden nu in een nieuw rapport.

“Ruim vijftien jaar geleden was al duidelijk dat we in Nederland tegen een groot tekort aan woningen aan zouden lopen”, vertelt fractievoorzitter in de Tweede Kamer Liane den Haan. “Het kabinet stond erbij en keek ernaar. Er moet echt een oplossing komen voor het tekort van nu al 420.000 woningen in Nederland.” Twee derde van de landoppervlakte van Nederland wordt gebruikt voor de land- en tuinbouw. Een groot deel van de boeren heeft geen opvolging voor hun bedrijf. Wat Fractie den Haan betreft wordt hun grond niet gebruikt voor nog grotere boerenbedrijven, maar om de wooncrisis op te lossen. “Als we 1 procent van de landbouwgrond inzetten voor wonen betekent dat dat we ruimte hebben voor honderdduizenden extra woningen. Daarmee is een groot deel van het woningtekort in één keer van de baan!”

Aanvullende bouwlocaties

Ook het Economisch Instituut voor de Bouw vindt dat er gebouwd moet worden in groene gebieden buiten steden. Anders blijft de schaarste de huizenmarkt overheersen, stelt het EIB in de zojuist verschenen studie ‘Ruimtelijke ordening en bouwlocaties’. “In aanvullende bouwlocaties in de groene ruimtes rondom de steden is plaats voor ongeveer 300.000 woningen. Daar liggen ook goede mogelijkheden om de woningbouw mooi en verantwoord te integreren in de omgeving. Groene woonomgevingen in aanvulling op binnenstedelijke woningbouw bieden ook een meer robuust ruimtelijk beleid met meer kansen voor tijdige en betaalbare woningbouw”, aldus het EIB.

Doorstroom op de woningmarkt

Het voorstel van Fractie den Haan is om op de vrijgekomen landbouwgrond vooral woningen voor kleine huishoudens, en dan met name ouderen, te bouwen. Nederland vergrijst en 47 procent van de senioren geeft aan dat hun huidige woning niet geschikt is om oud te worden. Als we ervoor zorgen dat senioren kunnen verhuizen naar een woning die wel bij ze past, dan komen er enorm veel woningen vrij, waardoor doorstroom op de woningmarkt op gang komt. Dat maakt dat starters en gezinnen ook een passende woning kunnen vinden. Bovendien besparen we tientallen miljoenen euro’s op gezondheidszorg, want ouderen die goed wonen, zo blijkt uit cijfers, voelen zich beter en hebben minder zorg en ondersteuning nodig.

Woon-leefvisie

“Heel veel gemeenten hebben geen idee hoeveel er gebouwd moet worden en voor wie”, vervolgt Liane den Haan. “Daarom moet er wat ons betreft verplicht een woon-leefvisie per gemeente komen. Met concrete afspraken over het aantal één- of tweepersoonshuishoudens, gezinswoningen en woongemeenschappen dat gebouwd gaat worden. Je zult zien dat we dan doorstroming krijgen en beter inspelen op de toenemende behoefte aan woningen voor kleine huishoudens. Daarmee voorkomen we dat we huizen bouwen die straks leeg komen te staan. Want dat is wat er gebeurt als je vooral gezinswoningen bouwt. Dat moeten we dus niet doen: we moeten bouwen voor ouderen, zodat ook alle andere generaties daarvan profiteren.”

Share on facebook
Share on whatsapp
Share on linkedin
Share on email
Share on twitter

Onze website maakt gebruik van analytische cookies om uw ervaring te verbeteren. Lees voor meer informatie ons privacybeleid.