Wereldgezondheidsdag: gezond leven is essentieel voor goed ouder worden

Voor veel mensen is het moeilijk om gezonde keuzes te maken. Afspraken met supermarkten over gezonde producten en leefstijlbalies in ziekenhuizen kunnen mensen daarbij helpen. Zo gaan we van gezondheidsachterstand naar gezondheidswinst.

Op donderdag 7 april 2022 is het Wereldgezondheidsdag. De World Health Organization (WHO) vraagt die dag aandacht voor gezondheid en ziektes in de wereld. Natuurlijk: gezondheid en gezond leven moet iedere dag in de belangstelling staan, maar speciaal op 7 april wil de Wereldgezondheidsorganisatie een statement maken. 7 april is daarvoor gekozen omdat dat (in 1948) de oprichtingsdatum van de WHO is.

Onze planeet, onze gezondheid

Elk jaar kiest de WHO een thema voor Wereldgezondheidsdag. Dit jaar is dat ‘Onze planeet, onze gezondheid’. De WHO schat dat meer dan dertien miljoen sterfgevallen over de hele wereld elk jaar te wijten zijn aan vermijdbare milieu-oorzaken, waaronder de klimaatcrisis. Die is de grootste bedreiging voor de gezondheid van de mensheid, vindt de World Health Organization. De klimaatcrisis is ook een gezondheidscrisis.

#HealthierTomorrow

De hashtag op social media voor Wereldgezondheidsdag 2022 is #HealthierTomorrow. Dat sluit naadloos aan bij de hashtag van Fractie den Haan: #GoedOudWorden. Wie morgen gezond wil zijn, moet daar vandaag aan werken. En dat begint met een gezonde leefstijl. Want wie goed oud wil worden – dat wil zeggen: zo gezond mogelijk en met een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven – kan beter niet roken en gezond eten. Zo gaan we van gezondheidsachterstand naar maximale gezondheidswinst.

Afspraken met supermarkten

Liane den Haan pleit voor bindende afspraken met de voedselindustrie. “Maak afspraken om supermarkten zo in te richten dat mensen worden verleid om gezonde keuzes te maken. Dat betekent meer gezonde producten in de aanbieding en geen ongezonde producten bij de kassa.” Bovendien stelt Liane voor om GGD-medewerkers die nu nog worden ingezet in teststraten en vaccinatielocaties in te zetten op leefstijlpreventie en gezondheidsbevordering, en het geven van voorlichting hierover.

Bevolkingsonderzoeken

Liane vindt ook dat leefstijlpreventie doelgericht ingezet moet worden bij bevolkingsonderzoeken. “Dat is een ideaal moment om een gesprek aan te gaan over leefstijl. Zo zou je kunnen denken aan een leefstijlloket in een ziekenhuis, zodat informatie over leefstijl zeer toegankelijk wordt voor mensen.”

Mentale gezondheid

Bij staatssecretaris Van Ooijen van Volksgezondheid heeft Liane erop aangedrongen ook bij ouderen aandacht te hebben voor een preventieve aanpak van de mentale gezondheid. Nu worden alleen werkenden, jongeren en jongvolwassenen door het kabinet genoemd als doelgroep. “Een derde van het aantal mensen dat zelfmoord pleegt is 65 jaar of ouder”, geeft Liane de noodzaak aan om ook ouderen mee te nemen in de aanpak van mentale gezondheid.

Beroertepreventie

Een belangrijk punt voor een #HealthierTomorrow is volgens Liane beroertepreventie. “Elk jaar worden er in ons land 40.000 mensen getroffen door een beroerte. Dat zijn 110 mensen per dag! Een enorme hoeveelheid en daarom moet er veel meer aandacht komen voor beroertepreventie bij boezemfibrilleren”, aldus Liane.

De Tweede Kamer debatteerde op 24 maart met staatssecretaris Maarten van Ooijen van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over leefstijlpreventie. Dit was de inbreng van Kamerlid Liane den Haan.

“Goed oud worden betekent zo gezond mogelijk oud worden met een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven. Een gezonde leefstijl is daarbij essentieel. We weten allemaal dat minder roken en gezonder eten veel gezondheidswinst oplevert. Maar vaak wordt gezegd: we leven in een vrij land, dus mensen kunnen zelf wel beslissen of ze gezond leven. Daar zit wat mij betreft als het gaat om leefstijl toch een denkfout. Want eigenlijk zeggen we dus dat mensen heel bewust ongezonde keuzes maken. Maar de voedselindustrie heeft niet voor niets een gigantisch marketingbudget om mensen te verleiden zoveel mogelijk van hun producten te kopen. Dus hoe vrij zijn die keuzes dan?

Wat het voor veel mensen ook moeilijk maakt om gezonde keuzes te maken is de situatie waarin ze verkeren. Als je schulden hebt, geen baan, een slechte woning of andere zorgen, staat gezond eten niet bovenaan je prioriteitenlijstje. Ik ben blij dat de staatssecretaris werkt aan een interdepartementale aanpak om gezondheidsachterstanden terug te dringen. Wanneer kunnen we die aanpak verwachten? Hij wil inzetten in gemeenten, kan hij dat wat meer specificeren? Ik maak mij daar namelijk wel zorgen over. Want als we ons blijven verschuilen achter de beleidsvrijheid van gemeenten op dit onderwerp vrees ik dat dit niet tot gewenste resultaten leidt.

Ook zijn er bindende afspraken nodig met verschillende partijen in de voedselindustrie. Maak afspraken met supermarkten om de winkel zo in te richten dat mensen worden verleid om gezonde keuzes te maken. Zoals minder ongezonde producten in de aanbieding en geen ongezonde producten bij de kassa. Dat zijn effectieve interventies die supermarkten kunnen toepassen en gelukkig doen veel supermarkten dit ook al. Hoe ziet de staatssecretaris dit?

De staatssecretaris schrijft dat goede initiatieven vaak stranden omdat er een gebrek is aan initiatiefnemers, mensen en middelen. Hij noemt de GGD. Ik heb er al eerder een punt van gemaakt. Laten we GGD-medewerkers die nu worden ingezet in teststraten en vaccinatielocaties inzetten op leefstijlpreventie en het geven van voorlichting hierover. De vorige staatssecretaris had al de eerste stappen gezet om de GGD een meer centrale rol te geven op het gebied van gezondheidsbevordering. Hoe ziet staatssecretaris Van Ooijen dit?

Een andere plek waar gezondheidsbevordering thuis hoort is bij bevolkingsonderzoeken. Het is een ideaal moment om een gesprek aan te gaan over leefstijl, iemand is er op dat moment ook mee bezig. En als iemand de diagnose kanker krijgt, is het ook belangrijk om in te zetten op preventie en goede psychosociale zorg om de kans op terugkeer te verkleinen. Zo zou je kunnen denken aan een leefstijlloket in een ziekenhuis, zodat informatie over leefstijl zeer toegankelijk wordt voor mensen. Hoe ziet de staatssecretaris dit?

Verder schrijft de staatssecretaris dat hij wil inzetten op een preventieve aanpak van mentale gezondheid, waaronder werkenden en jongeren en jongvolwassenen. Belangrijk, maar ik mis in dat rijtje de ouderen. Een derde van het aantal mensen dat zelfmoord pleegt is 65 jaar of ouder. Ik wil de staatssecretaris dan ook vragen of hij ouderen ook wil meenemen in die aanpak.

Dan nog een onderwerp dat mij zeer ter harte gaat: beroertepreventie. Elk jaar worden er in ons land 40.000 mensen getroffen door een beroerte. Dat zijn 110 mensen per dag. Een enorme hoeveelheid en daarom snap ik niet dat er zo weinig aandacht is voor beroertepreventie bij boezemfibrilleren. Een stolsel vanuit het hart als gevolg van boezemfibrilleren is gemiddeld groter dan andere stolsels. Daardoor zijn beroertes als gevolg van boezemfibrilleren ernstiger en leiden tot zwaardere invaliditeit, vermindering van kwaliteit van leven, en hebben grotere impact op de patiënt en hun dierbaren in vergelijking met beroertes van andere oorzaken.

Naast het menselijke leed brengt dit ook hoge zorgkosten met zich mee. De oplossing is eenvoudig en heeft te maken met de behandeling en inzet van directe orale anticoagulantia. Is de staatssecretaris hiervan op de hoogte en zo ja, heeft hij plannen om hier iets mee te gaan doen?”

   
Wilt u op de hoogte blijven? Meld u aan voor onze nieuwsbrief!

      

    Onze website maakt gebruik van analytische cookies om uw ervaring te verbeteren. Lees voor meer informatie ons privacybeleid.